Erfzonde

9. De opdracht om het duivelswerk te verbreken

Jezus laat ons een voorbeeld na

De verschijnselen die de gelovigen zullen volgen, hebben alle te maken met een overwinning op de demonen in de geestelijke wereld.
De Heer bedoelt: de verschijnselen die Mij hebben gevolgd bij het brengen van het evangelie, zullen ook bij hen horen die het evangelie van het koninkrijk van de hemelen aanvaarden.
Dit houdt in dat zijzelf ook geloven dat de onderstaande wondertekenen hun woorden zullen ondersteunen.
Er is altijd een samenhang tussen het brengen van het evangelie en deze werkingen van Gods heilige geest.

De opdracht is: breng eerst het evangelie en de wondertekenen zullen erop volgen.
Als deze nog niet direct helemaal en duidelijk (b)lijken te werken, denk dan aan de woorden van 1 Korintiërs 14:1:
Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de geest, vooral naar die van de profetie.
Ook dit ontwikkelen van de geestelijke gaven is een proces.

Jezus bevrijdt en herstelt de mens en dat gaat bijna altijd samen met het uitdrijven van demonen.
Hij zegt hiervan in Lucas 13:32:
Let op, ik drijf demonen uit en vandaag en morgen genees ik mensen en op de derde dag bereik ik de voltooiing.
De theologen van die tijd beschuldigen Hem ervan dat Hij de demonen uitdrijft door de kracht die Beëlzebul Hem heeft verleend.
Een merkwaardige opmerking vanuit de orthodoxe richting.
Want haar aanhangers geven niet zo gemakkelijk satan de schuld, maar liever de mens zelf.
Maar als het evangelie van Jezus zelf in praktijk gebracht wordt, waarschuwt men al gauw: dit is van de duivel!

We zijn blij dat Jezus op deze aanklacht is ingegaan.
Hij stelt hen de vraag:
En als ik inderdaad door Beëlzebul demonen uitdrijf, door wie drijven uw eigen mensen ze dan uit? (Matteüs 12:27).
Want wie demonen uitdrijft, komt en is bezig in de onzichtbare wereld.
Hij moet dan wel weten hoe daar de zaken ervoor staan.
Hij moet de strategie van de vijand kennen en ook zijn manier van denken.

Door zijn geloof moet hij iets ‘pakken’ van de dingen die hij niet ziet.
Hij moet zich onder de leiding van de geest van God stellen en de Bijbel als graadmeter hanteren.
Jezus bedoelt in het bovenstaande: het koninkrijk van satan is niet verdeeld.
Bij het uitdrijven van demonen door de kracht van satan, worden deze geesten alleen maar verplaatst.
Zoals een boer zijn vee ‘verschaart’ (= van weide doet veranderen) en de koeien in de wei door paarden vervangt.
Zo werken ook de magnetiseur, de astroloog, de yoga-mediteerder en de hypnotiseur.
Er worden vijandelijke machten verdreven, maar er marcheren andere troepen de slachtoffers binnen, onder andere ‘generaals’.

De supervisie hierover berust bij de heerser over deze wereld en het gevolg is dat de duisternis zich dichter, maar in een andere vorm, openbaart.
De tegenstelling is duidelijk.
Jezus zegt in Lucas 11:20:
Maar als Ik dankzij een kracht (= de heilige geest) die van God komt demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk van God bij jullie gekomen.
Dit koninkrijk resulteert door het werk van de geest van God in gerechtigheid, vrede en vreugde(zie Romeinen 14:17).
Wie door Jezus vrijgemaakt is, is werkelijk vrij (zie Johannes 8:36).

Hoe komen wij vrij van zonde, ziekte en gebondenheden?
Het antwoord van Jezus is: als de demonen door de kracht van Gods heilige geest verdreven worden, komen vrede, rust, gerechtigheid en blijdschap in ons.
Zo komt er in Samaria grote blijdschap als Filippus daar het evangelie brengt en de demonen de mensen onder luid geschreeuw verlaten (zie Handelingen 8:4-8).

De methode van Jezus om te komen tot redding, bevrijding en herstel is niet veranderd.
Ze is dezelfde, in het verleden en in de toekomst.
En aan het eind van deze periode van het herstelplan van God zullen we zien dat alleen op deze manier de zonen van God tot ontwikkeling hebben kunnen komen en openbaar zijn geworden.

In dit verband worden in Marcus 16:17-18 een vijftal tekenen genoemd die de gelovigen zullen volgen; deze worden hierna besproken.