God enkel licht

God enkel licht

Deze titel is gebaseerd op wat Johannes opmaakt uit wat Jezus zelf gezegd heeft, namelijk dat God puur licht is en dat in Hem totaal geen duisternis is.
Mogen we deze uitspraak verabsoluteren en afzetten tegen teksten waarin God wordt afgeschilderd als een God die zich wreekt, die vele duizenden (onschuldige) mensen ombrengt, die ziek maakt en allerlei andere soorten ellende over mensen uitstort?
Binnen het christendom een blijkbaar nogal controversieel onderwerp!

Geen duisternis in God

Vroeger zongen wij, (ook als kinderen!) het liedje:
God enkel licht,
voor wiens gezicht
niets zuiver wordt bevonden,
ziet ons
(..!) bevlekt,
met schuld bedekt,
misvormd door duizend zonden.

In 1 Johannes 1:5 staat:
Dít is wat wij Hem (Jezus) hebben horen verkondigen en wat we jullie verkondigen: God is licht, er is in Hem geen spoor van duisternis.
De leerlingen van Jezus hebben uiteraard veel meer van Hem gehoord dan alleen deze uitspraak, dus kunnen we hier zondermeer de nadruk leggen op ‘dít’, wat inhoudt: het belangrijkste wat Jezus hun ooit duidelijk heeft gemaakt.

Logisch denken

Als God alleen maar licht is en er dus geen enkele vorm van duisternis in Hem is, kan die ook niet uít Hem komen.
Dit is een onweerlegbare logische gedachte, die ieder weldenkend mens zal kunnen onderschrijven.
En toch staan er bijzonder veel teksten in de Bijbel waaruit opgemaakt zou kunnen worden dat er toch duisternis uit God komt.
En soms zelfs heel veel!
Moeten we die teksten dan maar niet geloven?
Houden we wellicht een heel dun bijbeltje over …?

Enkele voorbeelden

Handelingen 23:3
God zal jóu slaan, huichelaar, zei Paulus tegen Ananias, de hogepriester, toen deze hem op zijn mond liet slaan.
Handelingen 13:11:
Tegen Elymas, de magiër, zei hij (Paulus): Let op, de hand van de Heer zal je treffen, je zult blind zijn en voorlopig geen zonlicht meer zien.
Een andere keer zegt Paulus dat het vreselijk is om te vallen in de handen van de levende God (Hebreeën 10:31).
En zo zijn er, naast deze, veel andere teksten waarin God wordt afgeschilderd als een God:
die straft,
die Zich wreekt,
die volken uit hun land verdrijft,
die de muren van een stad laat instorten en de hele bevolking daarvan laat uitroeien
en die mensen in ellende stort, ziek maakt, verwerpt en hen overgeeft aan foute inzichten en perverse zonden …

Nog meer negatieve kwalificaties

… en ook dat Hij mensen op basis van willekeur uitverkiest om gered te worden.
En die Zich een God betoont die vaak kwaad is (hoe vaak lezen we niet over ‘Gods toorn’?),
die mensen aan satan laat overleveren,
die niet met Zich laat spotten,
die hém schendt die zijn tempel schendt,
die mensen onder zijn oordeel tuchtigt,
die een verterend vuur is,
die de hele toenmalige wereld door de zondvloed deed omkomen,
die aanklaagt en verbitterd kan worden,
die jaloers is en aan Wie nog veel meer van dergelijke negatieve kwalificaties worden toegedicht.
Het voert te ver om hier al die teksten te noemen, maar u kent er zeker nog wel een paar …

Mix van goed en kwaad?

Maar als God enkel licht is hoe zou dan überhaupt (het) kwaad úit Hem kunnen komen?
Uit de zon, waarmee God ook vergeleken wordt, komt toch ook geen duisternis?
Dan zou Hij dus een mix van goed en kwaad moeten zijn, een combinatie van licht en duisternis!
Dan zou Hij dus een soort van gespleten persoonlijkheid hebben!
Job 5:18: Want Hij verwondt en Hij verbindt, Hij slaat en zijn handen helen.
We moeten ons dan toch wel afvragen hóe God zou slaan of straffen als Hij enkel licht is.
Met ziekte?
Maar Jezus genas de zieken die door satan overweldigd waren.
Dus ziekte komt van satan.
Met aanklacht?
Maar in Openbaring staat dat de aanklager van de broeders is neergeworpen.
Satan is hier de aanklager.
Met ellende?
Paulus verkeerde vaak in zeer moeilijke omstandigheden; hij noemde dit een doorn in zijn vlees, een engel van satan die hem met vuisten sloeg.
Dus ellende komt van satan.
Met de dood?
Maar er staat dat het loon van de zonde de dood is.
En zonde komt uit de koker van satan.

Maar toch, als we de Bijbel doorlezen, komt er duidelijk een beeld van (een) God naar voren die enerzijds liefde en licht is en die het beste met ons voorheeft, maar aan Wie anderzijds toch ook veel kleeft wat ons kan beangstigen.

Welke God stellen wij ons voor?

Als wij gedoopt zijn in Gods heilige geest, woont God (hierdoor) in ons.
Stel dat je mocht kiezen welke eigenschappen ‘jouw’ God zou moeten hebben om voor jou het meest aantrekkelijk te zijn.
Zou je dan niet graag een God willen die alleen maar liefde en licht is en in Wie geen spoor van duisternis is, zoals Johannes Hem zo duidelijk beschrijft?
Een God:
die je altijd en oneindig liefheeft hoe je je ook gedraagt en hoe jij je ook voelt,
die niets van je eist,
die je geen wetten oplegt,
die jij niet hoeft te behagen,
die je nooit aanklaagt,
die jou niet straft,
die jou niet dreigt en
die jou niet ziek maakt.
Maar juist een God:
die geneest,
die jou hoogschat en
die altijd het beste met je voorheeft,
die altijd positief over je denkt en
die een oneindig mooi plan met jouw leven heeft?
Maar is dat ook de God zoals we die in de Bijbel tegenkomen?
Wel, we zien daarin inderdaad een God in Wie we wel veel van het bovenstaande herkennen, maar aan de andere kant dus ook een ‘God’, zoals gezegd, aan Wie de meest verschrikkelijke dingen worden toegeschreven.

Satan verschuilt zich

Nogmaals, een wetmatigheid, die iedereen die logisch kan denken, zeker onderschrijft, is dat uit licht geen duisternis kan voortkomen.
De toets voor iedere tekst die iets zegt over Gods eigenschappen zouden we hierop dan ook moeten baseren.
Want kan al die in de Bijbel aan God toegeschreven duisternis echt wel uit God komen?
Of zien we hier toch satan aan het werk die zich, zoals gebruikelijk, altijd achter God wil verschuilen?
Want eigenlijk zou je al deze negatieve aan God toebedachte ‘etiketten’ zo één op één op satan kunnen plakken!
En hoe kan deze zich achter God verschuilen?
Alleen doordat gelovigen te weinig kennis hebben van en inzicht in de geestelijke wereld en wat het belangrijkste is: niet goed weten wie God precies is.
Gaat Gods volk niet te gronde door gebrek aan deze kennis van Hem? (zie Hosea 4:6).

Alleen maar goede gaven

God is de Bron van het licht (Jakobus 1:17 en vgl. 1 Johannes1:5).
Omdat het licht een symbool is van het goede, kunnen van God zo gezien alleen maar goede gaven komen.
Het is dan ook ongerijmd Hem iets toe te schrijven dat met de duisternis verband houdt.
Met behulp van een drietal termen uit de astronomie probeert Jakobus dat nog wat nader te verduidelijken.
Mogelijk heeft hij daarbij met name gedacht aan de loop van de zon.
Deze veroorzaakt een geregelde wisseling (parallagē ) van licht en donker.
Maakt zij een wending (tropē ) in het zenit, dan werpen de dingen die zij beschijnt een steeds langere schaduw af (aposkiasma ).
Er kan bij haar zelfs een verduistering optreden.
Maar bij God is er geen enkele verandering, wending, schaduw en verduistering.
Hij blijft onveranderd, wat duidelijk blijkt uit het feit dat Hij alleen maar goede gaven geeft (uit: Studiebijbel ‘In de Ruimte’).

Satans kop vermorzelen

In de hele geschiedenis van de mensheid is er een (geestelijke) strijd aan de gang tussen licht en duisternis, tussen goed en kwaad, tussen waarheid en leugen, in feite tussen God en satan.
Dat het licht uiteindelijk overwint is duidelijk, maar satan heeft in het paradijs wel de ‘hiel van de vrouw (de gemeente) vermorzeld’.
Dat betekent dat hij haar sterk heeft afgeremd in haar ontwikkeling tot het openbaar worden van de zonen van God.
En wel vooral door déze foute gedachte over wie God is, naast de bijna net zo ingrijpende leugen, ook door satan geïnspireerd, dat de mens van nature een zondaar is.
Maar de gemeente zal satans kop vermorzelen, dit is de invloed van al het kwaad en elke leugen vanuit deze aartsleugenaar, elimineren.
En dit kan zij alleen doordat zij, door te jagen naar de liefde en het ontwikkelen van de geestelijke gaven steeds voller van de geest van God wordt (zie1 Korintiërs 14:1).
Gods geest zal haar (zo) de diepten van God, zijn juiste wezen, leren kennen.

Geen symbiose mogelijk

Hierin volgt zij Jezus, haar Heer.
God had Hem met de heilige geest en met kracht gezalfd.
Hij is rondgegaan, weldoende en genezende allen die door de duivel overweldigd waren, want God was met Hem.

Het leven van Jezus was hierin een (en al) afdruk van Gods wezen!
En als we Jezus volgen, dus ons erop richten aan Hem gelijkvormig te worden, kunnen ook wij in de praktijk ervaren wat het is om een God te hebben die puur liefde en licht is.
De eerste regel van het (eerste couplet van het) kinderliedje ‘God enkel licht’ klopt, de rest komt uit de koker van onze tegenstander.
De onoverbrugbare tegenstelling is en blijft:
Satan zoekt over de hele wereld naar mensen die hij tot zijn slachtoffer kan maken en hij gebruikt daarbij intimidatie.
1 Petrus 5:8:
Word nuchter en waakzaam.
Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.

Maar ook God zoekt mensen en wel hen die Hem met heel hun hart zoeken.
2 Kronieken 16:9:
Want de ogen van de Heer gaan over de hele aarde, om krachtig bij te staan hen wier hart volkomen naar Hem uitgaat.
Elke symbiose, een samengaan van beiden, is duidelijk uitgesloten.

Maar zonde moet toch bestraft worden?

God straft de mens niet, want hiervoor zal Hij een of andere vorm van duisternis moeten gebruiken, bijvoorbeeld ziekte, geweld of andere soorten van ellende.
Als we zondigen, straft Gód niet, maar worden we direct door satan ‘negatief beloond’ en wel met schuld- en minderwaardigheidsgevoelens, aanklacht, somberheid en nog meer van zijn duistere klimaat.
Het loon of het gevolg van de zonde is de dood, dit is het gescheiden zijn van God, de Bron van het leven.
Als we er zelf voor kiezen om te zondigen, plaatsen we onszelf vanuit het licht, dit is leven in contact met God, over naar de duisternis, dit is het ondergaan van het klimaat van de dood.
We durven dan ook niet meer in Gods nabijheid te komen en zo krijgt satan alle kans ons in zo’n situatie aan te klagen en zijn negatieve sfeer op ons te leggen.
Maar als we de duisternis in onszelf opruimen door te geloven in de schuldvergeving door Jezus Christus en, waar nodig, het met mensen weer goedmaken en de zonde nalaten, komen we weer in het licht te staan en wordt onze verbinding met God hersteld.
We zien dat bij dit alles onze eigen keuzes van het grootste belang zijn.

Totaal ander Godsbeeld

Onze God is ten diepste anders dan alle andere ‘goden’, van wie mensen denken dat ze deze moeten behagen of tevredenstellen en aan wie ze daarom voortdurend van alles en nog wat (moeten) offeren.
Misschien leeft deze gedachte ook nog wel bij gelovigen ten opzichte van onze God?
Satan is puur duisternis en hij probeert vooral door verleiding, misleiding en intimidatie de mens van Gods troon af te houden.
Maar samen met Gods geest in ons kunnen we altijd overwinnaar zijn op alles wat vanuit het rijk van de duisternis, van onze tegenstander, op ons afkomt.
Want doordat wij, als het goed is, vervuld zijn met de geest van God, is zijn liefde in ons uitgestort en kunnen ook de geestelijke gaven in ons functioneren.
Deze zijn mede bedoeld om, naast onszelf, ook de lijdende mensheid te herstellen naar geest, ziel en lichaam.

Einddoel van ons geloof

Jezus is de eerste (mens) geweest die dit alles in zijn leven op aarde vorm gegeven heeft en Hij is dan ook hierin ons grote voorbeeld.
Door te groeien in ons geloof door de werking van Gods woord en geest in ons in liefde en gaven, kunnen ook wij gelijkvormig worden aan Jezus Christus, zodat God uiteindelijk ‘alles in allen’ kan worden.
Zo kunnen ook wij vol liefde en licht van binnen zijn en, volledig in overeenstemming met zijn plan, ‘op God gaan gelijken’.
Dát is het einddoel van ons geloof en daarmee ook ons eigen hoogst haalbare levensdoel!

(aangepast 01-08-2026)