Openbaring

Openbaring 10:1
Overwinning en autoriteit

Ik zag een andere machtige engel uit de hemel neerdalen.
Een wolk omhulde hem en de regenboog was om zijn hoofd.
Zijn gezicht was als de zon en zijn benen waren als zuilen van vuur.

En ik zag (een) andere engel sterke neerdalende uit de hemel, bekleed zijnde (met) (een) wolk en (een) regenboog op het hoofd en het gezicht van hem als de zon en de voeten van hem als pilaren van vuur.

Johannes ziet een andere sterke engel die uit onzichtbare wereld neerdaalt.
Er zijn uitleggers die menen dat deze engel Jezus Christus zelf is, maar de Mensenzoon is geen engel, want Hij zegt:
Kijk naar mijn handen en voeten, Ik ben het zelf!
Raak Me aan en kijk goed, want een geest heeft geen vlees en beenderen zoals jullie zien dat Ik heb
(Lucas 24:39).

Engelen zijn dienende geesten, uitgezonden om hen bij te staan die deel zullen krijgen aan de redding (zie Hebreeën 1:14).

Van kinderen zegt Jezus:
Hun engelen in de hemel zien onophoudelijk het gezicht van mijn hemelse Vader (zie Matteüs 18:10).
Dit betekent dat deze engelen bij de binnenste kring rond de troon van God horen.
Ze staan dus vlak voor God en kunnen altijd ongehinderd in contact met Hem leven, ze gaan vertrouwelijk met Hem om.
Het is ook de taak van deze engelen de gelovigen te beschermen.
Psalm 91:11:
Hij vertrouwt je toe aan zijn engelen,
die over je waken waar je ook gaat.

Engelen worden genoemd naar de H(h)eer die ze dienen (God of satan) of naar het gebied waarover ze heersen.
Daniël 10:13 en 20: de vorst van het Perzische koninkrijk, de vorst van Griekenland.
Openbaring 1:20, 14:18 en 16:5: de zeven sterren zijn de engelen van de zeven gemeenten, een andere engel die zeggenschap heeft over het vuur, de engel van al het water.

Het geweldig fijne is dat God ieder mens een eigen geest geeft en bovendien een engel als beschermer naast hem.
Maar als de mens zondigt en dat gebeurt door zijn contact met een demon, gaat zijn engel bij hem vandaan en kan hij niets voor de mens meer betekenen.
Zo raakt de mens de bescherming van zijn engel kwijt, want engelen kunnen geen twee heren dienen.
Ze kunnen geen contact hebben met licht én met duisternis.
Maar als zo’n mens zich afkeert van zijn verkeerde manier van leven, worden de engelen (weer) actief.
Lucas 15:10:
Zo, zeg ik u, heerst er ook vreugde onder de engelen van God over één zondaar die tot inkeer komt.
Zij ervaren grote vreugde als ze mensen kunnen helpen en ondersteunen, vanuit hun liefde voor God en zijn plan.
De engel is hier de medewerker van God om de geest en de ziel van de mens te beschermen in zijn ontwikkelingstraject naar het doel dat God met hem voorheeft.

Zo laten demonen ook overeenkomsten zien met hen die ze overweldigd hebben.
Daarom kunnen ze zich zo gemakkelijk bij spiritistische seances uitgeven voor de persoon met wie ze verbonden geweest zijn.
Op zeker moment staat Petrus, na zijn ontsnapping uit de gevangenis voor de deur van het huis van Maria, de moeder van Johannes Marcus.
De christenen in dat huis kunnen niet geloven dat het Petrus is die daar staat en ze zeggen tegen de slavin die Petrus bij de deur heeft zien staan: Het is zijn engel (zie Handelingen 12:15).

In Openbaring 1:1 lezen we dat Jezus de visioenen geeft via zijn engel.
Ook Jezus heeft dus, zoals elk mens, een engel en wel een bijzonder krachtige.
In Openbaring 22:6 staat, dat:
De Heer, de God die profeten bezielt, heeft zijn engel gestuurd om aan zijn dienaren te laten zien wat er binnenkort gebeuren moet.
In vers 16:
Ik, Jezus, heb mijn engel gestuurd om jullie deze dingen bekend te maken voor de gemeenten.
Deze engel van Jezus is vrijwel zeker de allerhoogste aartsengel, namelijk Gabriël.
Al in het oude verbond vertegenwoordigt deze ‘engel van de Heer’ het ‘woord van God’, dat dan nog niet zichtbaar geworden is in de mens Jezus.

Opvallend is dat de beschrijving van deze engel ons sterk doet denken aan die van de engel Gabriël in Daniël 8:16-19 en 10:5-7.
En de beschrijving correspondeert ook met die van Jezus in Openbaring 1:13-15.
De conclusie kan zijn dat deze sterke engel Gabriël is, de boodschapper die speciaal belast is met het overbrengen en het begeleiden van het woord van God.
Aan Daniël heeft hij in beelden het plan van God bekendgemaakt en tegen hem gezegd:
En jij, houd dit droomgezicht voor je, want het verwijst naar een verre toekomst.
En:
Maar houd deze woorden geheim, Daniël, en verzegel het boek tot de laatste tijd.
Velen zullen op zoek gaan en de kennis zal toenemen
(zie Daniël 8:26 en 12:4).

In Lucas 1 lezen we hoe de engel Gabriël opnieuw het woord van God introduceert.
Hij maakt het plan van God aan Zacharias bekend en daarna aan Maria.
Jezus is het woord van God dat mens geworden is en nu is Gabriël de engel van Jezus.
We zien Gabriël ook aan het hoofd van een groot hemels leger dat boven de weilanden rond Bethlehem God looft met het lied:
Eer aan God in de hoogste hemel
en vrede op aarde voor alle mensen die Hij liefheeft
(Lucas 2:14).

Hier heeft hij het geopende boekje of boekrolletje in zijn hand, waarin de toekomstige dingen voor de gemeente beschreven staan.
Dat geeft aan dat hij inzicht zal geven in de ontwikkeling van het plan van God.
Deze engel wordt al eerder genoemd in verband met de gemeente (zie Openbaring 5:2 en 8:3).
In onze tekst is de engel gehuld in een wolk, beeld van de gemeente van Jezus Christus.
Dat geeft zijn belangrijke en centrale positie aan in de ondersteuning van de gemeente om te bereiken wat staat in Efeziërs 5:25 (ged.)- 27 NBG:
… evenals Christus zijn gemeente heeft liefgehad en zich voor haar overgegeven heeft,
om haar te heiligen, haar reinigende door het waterbad met het woord en zo zelf de gemeente voor zich te plaatsen, stralend, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, zó dat zij heilig is en onbesmet
(of: onberispelijk).

Deze wolk bestaat uit miljoenen waterdruppels die een steeds groter wordende eenheid vormen.
Als er staat dat Jezus met, in of op de wolken van de hemel komt, is dit met of in zijn gemeente.
Hij zal komen of neerdalen uit de hemel, dit is: zichtbaar worden in de gelovigen.
Ook dan klinkt het signaal van de bazuin:
Wanneer het signaal gegeven wordt, de aartsengel zijn stem verheft en de bazuin van God weerklinkt, zal de Heer zelf uit de hemel neerdalen (zie 1 Tessalonicenzen 4:16)
en
… wanneer de bazuin het einde inluidt.
Wanneer de bazuin weerklinkt, zullen de doden worden opgewekt met een onvergankelijk lichaam en zullen ook wij veranderen
(zie 1 Korintiërs 15:52).

Eerst roept dus de aartsengel tijdens de zesde bazuin; daarover kunnen we in dit hoofdstuk lezen.
De engel wordt door de wolk (de gemeente) omhuld.
In deze wolk weerkaatst het licht van de zon en vormt het als de regenboog een spectrum van veel kleuren.
Zo zijn de zonen van God een reflectie van de luister van de Heer en kunnen we in hen (dus ook in onszelf) zijn veelkleurige wijsheid en trouw zien.

De regenboog zien we op of om het hoofd van de engel die hier Jezus Christus als hoofd van zijn gemeente vertegenwoordigt.
In dit visioen is de regenboog het teken van het nieuwe verbond in Christus Jezus.
De gemeente gaat, zoals God belooft, niet ten onder tijdens het proces van de scheiding tussen goed en kwaad, het oordeel.
Dit in tegenstelling tot de schijngemeente, waarvan de zes bazuinen de ondergang aankondigen.

Openbaring 10 wijst op de opgang van de echte gemeente, haar voorbereiding als vrouw van het Lam (zie Openbaring 19:7).
Nooit verwachte en bedachte openbaring van de luister van God vindt dan plaats.
De gemeente is bezig haar volkomenheid te bereiken.
Majestueus en groots is daarom het gezicht van deze engel.
Het is als de zon, omdat de luister van God erop weerspiegeld wordt.
Zijn hele voorkomen geeft uitdrukking aan geestelijke overwinning en heerschappij.
De beschrijving van zijn voeten doet ons denken aan de voeten van Jezus in Openbaring 1:15.
Zij beelden overwinning en autoriteit uit.