Openbaring

Openbaring 12:17
Hiel van de vrouw en kop van de slang

De draak was woedend op de vrouw en ging weg om strijd te leveren met de rest van haar nageslacht, met allen die zich aan Gods geboden houden en bij het getuigenis van Jezus blijven.

En werd toornig de draak op de vrouw en hij ging weg (om) te maken oorlog met de overigen van het zaad van haar, de bewarenden de geboden van God en (de) hebbenden het getuigenis van Jezus Christus.

De draak ontsteekt in woede omdat zijn aanslag mislukt en hij door de verleidingen het volk van God niet afvallig kan maken.
Dan heeft hij nóg een pijl op zijn boog.
Hij gaat geweld gebruiken.
Als een slang heft hij zich op in felle haat.
Hij gaat op weg om oorlog te voeren tegen de gemeente van Jezus Christus.

Hij ziet hoe de zonen van God het evangelie van het koninkrijk van God over de hele wereld bekendmaken op dezelfde manier als Jezus tijdens zijn bediening op aarde.
De miljoenen worden binnengebracht.
Zij komen tot inkeer, beginnen een nieuw leven, worden gedoopt in water en in de geest van God en door handoplegging worden zij bevrijd van alle ziekten en demonen.
De volwassen geworden zonen van God zijn onaantastbaar, maar de draak valt hen aan die nog in het groeiproces zitten.
De draak gaat oorlog voeren tegen de rest van haar nageslacht of nakomelingen.
Tegen hen die zich aan de geboden van God houden en die ervan getuigen dat Jezus in alles hun grote voorbeeld is.
De draak zal de geestelijke groei van deze gelovigen proberen stop te zetten, hun handel en wandel in het licht te bemoeilijken en hun geloof te vernietigen.

Maar door het aanvaarden van het evangelie van Jezus Christus kunnen zij de adviezen en de richtlijnen van God opvolgen.
En God geeft maar één (dubbel-)gebod, namelijk:
Het voornaamste is: Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer;
heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.
Het op een na belangrijkste is dit: Heb uw naaste lief als uzelf.
Er zijn geen geboden belangrijker dan deze
(Marcus 12:29-31).

Daarnaast geven kennis van de wet van de geest van het leven (zie Romeinen 8:2) en inzicht in het koninkrijk van de hemel de weg aan om de hele Goddelijke volheid te bereiken.
Paulus schrijft in Romeinen 8:4:
… opdat in ons wordt volbracht wat de wet van ons eist.
En wat wil de wet van de geest?
… maar wat de geest wil brengt leven en vrede (zie Romeinen 8:6).

Want getuigen van Jezus is profeteren.
Bij de profeet is het niet de mens die getuigt, maar Jezus!
Onder het oude verbond spreken de profeten op aandrang van God en ook onder het nieuwe verbond worden ze door zijn geest gedreven.
2 Petrus 1:21:
… want nooit is een profetie voortgekomen uit menselijk initiatief: mensen die namens God spraken werden daartoe altijd gedreven door de heilige geest.
En Jezus zegt van Gods heilige geest:
De geest van de waarheid zal jullie, wanneer hij komt, de weg wijzen naar de volle waarheid.
Hij zal niet namens zichzelf spreken, maar hij zal zeggen wat hij hoort en jullie bekendmaken wat komen gaat.
Door jullie bekend te maken wat hij van Mij heeft, zal hij Mij eren
(Johannes 16:13-14).

Tijdens hun ontwikkelingsperiode van pasbekeerde gelovigen tot zonen van God worden zij door de draak aangevallen.
Maar zij zullen overwinnen met het Lam:
Ze (de tien koningen) binden de strijd aan met het Lam, maar het Lam zal hen overwinnen.
Want het Lam is de hoogste heer en koning en wie Hem toebehoren, wie geroepen zijn en uitgekozen, zijn trouw
(Openbaring 17:14).
Zij overwinnen satan met zijn leugenachtige infiltraties dankzij het bloed van het Lam en dankzij hun getuigenis (zie vers 11).
Door dit bloed van het Lam zijn ze zonder schuld en hebben ze een volkomen zuiver geweten.
Ze kunnen niet meer aangeklaagd worden.
Uit hun getuigenis blijkt hun geloof, waarmee zij zich de beloften van God kunnen toe-eigenen:

Het is de slang één keer gelukt de hiel van de vrouw, beeld van de gemeente, te verbrijzelen bij haar ontwikkelingsproces op de levensweg.
Zo is de kracht van het volk van God eeuwenlang gebroken geweest.
Zo is ze eeuwenlang gehinderd in haar ontwikkelingsproces in het plan van God.
Maar in de laatste tijd komt de profetie uit dat de nakomelingen van de vrouw de kop van de slang zullen verbrijzelen.
Genesis 3:15 zegt:
Vijandschap sticht Ik tussen jou en de vrouw, tussen jouw nageslacht en het hare, zij verbrijzelen je kop, jij bijt hen in de hiel.
Dan komt ook uit wat staat in Daniël 12:7:
… wanneer de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld zal worden, dan zullen al deze dingen zich hebben voltrokken.