Openbaring

Openbaring 14:1
Gelijkvormig aan Jezus Christus

Toen zag ik dit: het Lam stond op de Sion en bij het Lam waren honderdvierenveertigduizend mensen die zijn naam en die van zijn Vader op hun voorhoofd hadden.

En ik zag en zie, Lam staande op de berg Sion en met Hem honderd veertig vier duizend, hebbende de naam van de Vader van Hem geschreven zijnde op de voorhoofden van hen.

Nadat Johannes in Openbaring 13 in visioenen en symbolen de opkomst van de antichristelijke gemeente ziet, toont Gods geest hem nu een oneindig lieflijker toneel.
Hij ziet de voltooiing van de gemeente van Jezus Christus, waarvan de leden zijn geestelijke niveau bereikt hebben.
Hij beschrijft het ogenblik dat de gemeente van de laatste tijd in een ondeelbaar moment uit de invloedssfeer van het natuurlijke leven wordt weggenomen.
Het zijn dezelfde honderdvierenveertigduizend van wie we in Openbaring 7:4 lezen dat zij verzegeld worden met de heilige geest van God, een andere omschrijving voor de doop in en het vol worden van deze geest.

Nu zien we hoe deze verzegelden door de zware geestelijke pressie zijn gekomen en door de kracht van Gods geest de overwinning behaald hebben.
Wat is het boek Openbaring toch een geweldig troostboek voor de gemeente in deze laatste tijd!
In een groot aantal beelden zien we dat na de periode van de zware geestelijke pressie en verzoeking, nu ook de grote uitkomst gegeven wordt.

Het is duidelijk dat we de berg Sion niet geografisch moeten zien.
We moeten deze berg in en vanuit de geestelijke wereld verklaren.
Zo verklaren we ook de woorden Lam, honderdvierenveertigduizend en de naam op hun voorhoofden niet natuurlijk.
We moeten deze zien als afbeeldingen van geestelijke werkelijkheden.
Zo blijven we in de lijn van het boek Openbaring als geheel.
Want dit boek geeft ons een verklaring van de visioenen die gaan over de geestelijke ontwikkeling van de gemeente van Jezus Christus en van de schijngemeente in de afgelopen eeuwen.

De tijd van het oude verbond is een voorafschaduwing of voorafspiegeling van die van het nieuwe verbond.
Kolossenzen 2:17:
Dit alles (de wet en de uiterlijke regels) is slechts een schaduw van wat komt – de werkelijkheid is Christus.
Hebreeën 8:15:
Zij verrichten hun dienst in wat de afspiegeling en de voorafschaduwing is van het hemelse heiligdom, zoals dat aan Mozes geopenbaard werd …
Hebreeën 10:1:
Omdat de wet slechts een voorafschaduwing toont van al het goede dat nog komen moet en daarvan niet de gestalte zelf laat zien.
In deze periode ligt de tempel op de berg Sion.
Psalm 9:12:
Zing voor de Heer die zetelt op de Sion,
maak aan de volken zijn daden bekend.

Ook Jesaja zegt in 8:18:
Ik ben, met de kinderen die de Heer Mij heeft gegeven, een teken voor Israël, een zinnebeeld van de Heer van de hemelse machten, die op de Sion woont.

In het nieuwe verbond is de berg Sion opnieuw de tempelberg, maar dan in de geestelijke, onzichtbare wereld.
We zien dat bergen symbolen zijn van geestelijke machten en de Sion is dat van de macht van Gods heilige geest.
Op deze geestelijke berg worden wij samen opgebouwd tot een plaats waar God woont door zijn geest (zie Efeziërs 2:22).
De tempel van God is in de hemel (zie Openbaring 11:19).

Jezus zelf is de hoeksteen, de steen die richting en steun geeft aan het hele gebouw, dat is: zijn gemeente.
De gelovigen moeten gefundeerd en verder gebouwd worden op deze steen, zoals in Romeinen 9:33 staat:
In Sion leg ik een steen neer waarover men struikelt, een rotsblok waaraan men zich stoot.
Maar wie in Hem gelooft, komt niet bedrogen uit.

Niet alleen Paulus, de apostel voor de volken, gaat van deze geestelijke betekenis uit, maar ook Petrus.
Deze werkt dit beeld uit als hij schrijft in 1 Petrus 2:4-6:
Voeg u bij Hem, bij de levende steen die door de mensen werd afgekeurd maar door God werd uitgekozen om zijn kostbaarheid en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel.
Vorm een heilig priesterschap om geestelijke offers te brengen die God, dankzij Jezus Christus, welgevallig zijn.
In de Schrift staat immers:
In Sion leg ik een hoeksteen die Ik heb uitgekozen om zijn kostbaarheid; wie daarop vertrouwt, komt niet bedrogen uit.

De tempel van God ontstaat en groeit dus doordat op Jezus Christus, de mens zoals God die bedoelt, als eerste steen de andere levende stenen gebouwd worden.
En zo wordt deze tempel gedragen door de geest van God, uitgebeeld door de berg Sion.
Ook Hebreeën 12:22 verwijst ons naar deze geestelijke berg:
Nee, u staat voor de Sionsberg, voor de stad van de levende God, het hemelse Jeruzalem …
En wie mogen deze berg beklimmen: de top, het doel bereiken, zoals de psalmist de vraag stelt?
Wie mag de berg van de Heer bestijgen,
wie mag staan op zijn heilige plaats?
Wie reine handen heeft en een zuiver hart,
zich niet inlaat met leugens
en niet bedrieglijk zweert
(Psalm 24:3-4).
Vrij vertaald: alleen rechtvaardigen kunnen en mogen de volheid van Gods heilige geest in hun leven realiseren.

Helaas vallen veel mensen terug bij het bestijgen van de berg Sion.
Voor hen blijkt de weg van het geloof in het einddoel te moeilijk.
Ze glijden terug door verslapping en door de obstakels (zonden, tegenstand, misleiding, e.d.) die ze onderweg tegenkomen.
Maar de gemeente van Jezus Christus bereikt in de laatste tijd de top en daarmee dus het einddoel van het geloof.
Dit is mogelijk omdat er een Lam is, van wie in het begin van het boek Openbaring geschreven staat:
Aan Hem die ons liefheeft en ons van onze zonden heeft bevrijd door zijn bloed,
die een koninkrijk uit ons gevormd heeft en ons heeft gemaakt tot priesters voor God, zijn Vader – aan Hem komt de eer toe en de macht, tot in eeuwigheid. Amen
(Openbaring 1:5 ged. en 6).

Voor deze honderdvierenveertigduizend is waar geworden:
Wat bij de mensen onmogelijk is, is mogelijk bij God (zie Lucas 18:27).
Het is het geheim van de laatste tijd als de geest van God in overvloed uitgegoten wordt om het werk van Jezus Christus op aarde te realiseren.
Dit werk bestaat uit:

We kunnen ook in Openbaring 7 al lezen over deze honderdvierenveertigduizend verzegelden uit de enorm rijke schakering van het Israël van God, zijn geestelijk volk.
Nu hebben zij het einddoel van hun geloof, het totale herstel van ziel en geest bereikt.
De tempel van God in de geestelijke wereld is afgebouwd.
De geweldige zuilengalerij die dit bouwwerk ondersteunt, laat zien wie deze zonen van God in de laatste tijd zijn.
In Openbaring 3:12 staat over hen:
Wie overwint maak Ik tot een zuil in de tempel van mijn God.
Daar zal hij voor altijd blijven staan.
Ik zal op hem de naam schrijven van mijn God en van de stad van mijn God, het nieuwe Jeruzalem dat bij mijn God vandaan uit de hemel zal neerdalen en ook mijn eigen nieuwe naam.

Deze overwinnaars hebben een compleet nieuw gedachtenleven ontwikkeld.
Ze denken alleen nog vanuit geestelijk perspectief en ze laten zich niet (meer) leiden door de zichtbare dingen.
Ze hebben inzicht in de geestelijke wereld.
Want zij doen wat staat in Kolossenzen 3:2:
Richt u op wat boven is, niet op wat op aarde is.
Of, zoals de NBG vertaalt:
Bedenk de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn.
Hun lichaam kan nu in een ondeelbaar moment veranderd worden in een geestelijk lichaam, omdat hun onzichtbare, innerlijke mens volledig vernieuwd is.
Daarom staan de namen van het Lam en van de Vader op hun voorhoofd geschreven.
Dit in tegenstelling tot de volgelingen van de antichrist, die het merkteken van het beest op hun voorhoofd krijgen.
Voorhoofd staat voor hun denken, hun gedachtenwereld.

In Openbaring 7:3 heten de honderdvierenveertigduizend dienaren van God.
Want zij hebben geestelijk eenzelfde voorkomen als van het Lam, de dienaar van de Heer uit Jesaja 53.
Want ook zij zijn dóór de grote geestelijke pressie gegaan en ze zijn er doorheen gekomen (zie Openbaring 7:14).
Zij zijn aan hun Heer gelijkvormig geworden, ze hebben zijn geestelijke statuur verkregen.

In deze wereld tellen ze in het maatschappelijke, culturele en politieke leven niet of nauwelijks mee.
Het zijn meestal onopvallende mensen en ze hebben op het zichtbare vlak vaak niet veel in te brengen.
Ze worden om hun ‘vreemde ideeën’ misschien zelfs geminacht en zo horen ze min of meer bij de verschoppelingen van de maatschappij.
Als ze bespot of vervolgd worden om hun geloof zijn ze als ‘lammeren die geslacht worden’: ze doen hun mond niet open tegen hun vervolgers.
Naar Jesaja 53:7:
Ze worden mishandeld, maar verzetten zich niet en doen hun mond niet open.
Als een schaap dat naar de slacht wordt geleid, als een ooi die stil is bij haar scheerders doen zij hun mond niet open.

Maar in geestelijk opzicht zijn ze overwinnaars en sterk verbonden met hun Meester die hen met zijn leven heeft vrijgekocht.
Daarom kunnen ze ook hun aardse vijanden liefhebben en bidden voor hun vervolgers.
Als satan hen wil misleiden of verleiden vindt hij bij hen geen enkel aanknopingspunt meer, net als bij Jezus.
Johannes 14:30 NBG:
Niet veel zal Ik meer met u spreken, want de overste der wereld komt en heeft aan Mij niets (of NBV: hij heeft geen macht over Mij).

Wat een geweldige belofte houdt dit visioen in!
Want in de laatste tijd zal God zijn geest uitgieten zoals nog nooit eerder is gebeurd.
Dan wordt de berg Sion een bijzonder hoge en opvallende berg.
Eens zal de dag komen dat de berg
met de tempel van de Heer rotsvast zal staan,
verheven boven de heuvels, hoger dan alle bergen.
Alle volken zullen daar samenstromen,
machtige naties zullen zeggen:
Laten we optrekken naar de berg van de Heer,
naar de tempel van Jakobs God.
Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen,
en wij zullen zijn paden bewandelen.’
Vanaf de Sion klinkt zijn onderricht,
vanuit Jeruzalem spreekt de Heer
(Jesaja 2:2-3).
Hiermee stemt overeen Efeziërs 3:10 NBG:
… opdat nu door middel van de gemeente aan de overheden en de machten in de hemelse gewesten de veelkleurige wijsheid van God bekend zou worden,

Het zal een tijd zijn van bloed en vuur en zuilen van rook (zie Joël 3:3), van beproeving en pressie, maar voor wie gelooft geldt de belofte uit Joël 3:5:
Dan zal ieder die de naam van de Heer aanroept ontkomen:
op de Sion, in Jeruzalem, is een toevlucht te vinden,
zoals de Heer heeft beloofd;
ieder die Hij roept zal worden gered.

In Sion, de gemeente van Jezus Christus, vol van de geest van God, zullen gevonden worden: