Openbaring

Openbaring 18:9-10
Aardse macht in plaats van geestelijke

De koningen op aarde, die ontucht met haar hebben gepleegd en in weelde hebben geleefd, zullen om haar jammeren en treuren als ze de rook boven haar zien opstijgen.
Ze blijven op een afstand, ontzet door de straf die zij krijgt, en zeggen:
"Wee! Wee Babylon, grote, sterke stad!
In één uur tijd is je vonnis voltrokken!"

En zullen bewenen haar en zullen zich slaan om haar de koningen van de aarde, de met haar gehoereerd hebbenden en losbandig geweest zijnden, wanneer zij zien de rook van de verbranding van haar.
En veraf staande wegens de vrees voor de pijniging van haar, zeggende: wee, wee de stad grote Babylon, de stad sterke, want in één uur is gekomen het oordeel van / over u.

De beschaafde wereld is nauw met het schijnchristendom verbonden.
De ‘koningen’ van wetenschap, religie, kunst en invloedrijke politici krijgen uit Babylon steeds nieuwe impulsen, maar op hun beurt inspireren ook zij deze stad.
De zogenaamde universele of algemene christelijke kerk heeft de kenmerkende bestanddelen van de staat en van de heersende klasse in zich opgenomen en gebruikt voor haar eigen nut.
Zij is een religieuze organisatie die de aantrekkingskracht van de wereld erkent en deze probeert te beïnvloeden door juist de voornaamste elementen van haar structuur in zich op te nemen.

Zo is de schijngemeente zelf een niet los te denken deel van de gevestigde maatschappelijke orde geworden.
Ze probeert soepel en mobiel te zijn door zich voortdurend aan te passen, waardoor ze in de wereld kan blijven domineren, maar ook de wereld in haar.

Bij de val van deze stad stort ook de ‘christelijke’ cultuurwereld in en de invloed van de wereld op de schijngemeente wordt door demonische inspiraties vervangen.
Het wereldlijke gezag is altijd door de kerk ondersteund.
Aan de andere kant is het vaak zo dat alleen leden van de heersende schijngemeente in aanmerking zijn gekomen om officiële ambten te bekleden.
Met de ondergang van Babylon en de komst van het antichristelijke rijk komt de totale wetteloosheid in de wereld.

Het gezag van politieke en religieuze overheidspersonen verdwijnt en de wereldgeesten blijken de orde niet meer te kunnen handhaven.
Van oorsprong christelijke normen en waarden verdwijnen om plaats te maken voor demonische invloeden.
De rook die het gevolg is van de verbranding wijst op de verschrikkelijke gevolgen van deze ondergang.
Ieder uitzicht naar ‘boven’ wordt verhinderd.
De totale scheiding tussen kerk en maatschappij is gekomen.
De natuurlijk gerichte theologie schiet hier tekort.
De woorden ‘op een afstand’ wijzen erop dat de machthebbers die met de hoer ontucht gepleegd hebben, zich nu van haar distantiëren.

Ze zijn altijd goede partners geweest en ze ervaren het als rampzalig dat Babylon vergaat, maar voor de aardsgerichte mensheid valt van haar niets meer te verwachten.
De laatste tijd kenmerkt zich dus door volkomen bandeloosheid.
Het verenigde Babylon gaat in één uur ten onder.
Door de ver doorgevoerde eenwording met andere religies heeft men deel aan elkaars zonde en dwaling en daardoor ook aan de plagen, de onderdrukkende werking van demonen.
Dan is de wereld zonder enige ‘christelijke’ organisatie en zonder een officiële ‘christelijke’ kerk.
De vele eeuwen schijnchristendom zijn dan afgelopen, de schijnbaar sterke stad is gevallen.

Babylon is menselijkerwijs onneembaar geleken door zijn krachtige organisaties die bij miljoenen mensen het leven van de wieg tot het graf hebben beheerst.
Maar zijn ondergang vindt nu heel snel plaats.
De naam van Christus wordt dan alleen nog genoemd en gepraktiseerd door de echte gemeente die over de hele wereld het evangelie van het koninkrijk van God bekendmaakt.
Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde (de voltooiing) komen (Matteüs 24:14).