Openbaring

Openbaring 22:13
In de gedachten van de Vader

Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde.’

Ik ben de a(lfa) en de o(mega), begin en einde, de eerste en de laatste.

Jezus zegt aan het begin van de Openbaring en aan het slot dat Hij de alpha en de omega is, het begin en het einddoel van alles.
Deze uitspraak moet gezien worden als een waarmerk van de echtheid van de profetie en de visioenen die Hij aan Johannes gegeven heeft.
Als het woord van God is Hij het begin en het einddoel van de nieuwe, herstelde schepping.

In Openbaring 1:8 staat dat God, de Heer de alpha en de omega is.
Als dezelfde uitspraak hier voor Jezus geldt, is er een verschil te constateren als tussen Schepper en Herschepper, of als tussen Spreker en Woord.
God, de Heer is van eeuwigheid het begin en het einddoel: God alles in allen.
Jezus Christus is het begin van de nieuwe schepping.
En op het moment dat alles aan Hem onderworpen is, zal de Zoon zichzelf onderwerpen aan Hem die alles aan Hem onderworpen heeft, opdat God over alles en allen zal regeren (1 Korintiërs 15:28).

Natuurlijk is het woord van eeuwigheid af in de gedachten van de Vader en daardoor ook actief in de eerste schepping.
Als de schepping voltooid is naar Gods woord of plan, zal uitgekomen zijn:
Zoals regen of sneeuw neerdaalt uit de hemel
en daarheen niet terugkeert
zonder eerst de aarde te doordrenken,
haar te bevruchten en te laten gedijen,
zodat er zaad is om te zaaien en brood om te eten –
Zo geldt dit ook voor het woord
dat voortkomt uit mijn mond:
het keert niet vruchteloos naar Mij terug,
niet zonder eerst te doen wat Ik wil
en te volbrengen wat Ik gebied
(Jesaja 55:10-11).