Openbaring

Openbaring 22:18-19
Natuurlijk of geestelijk gericht

Ik verklaar tegenover eenieder die de profetie van dit boek hoort: als iemand er iets aan toevoegt, zal God hem de plagen toevoegen die in dit boek beschreven zijn;
en als iemand iets afneemt van wat in het boek van deze profetie staat, zal God hem zijn deel afnemen van de Levensboom en van de heilige stad, zoals die in dit boek beschreven zijn.

Ik getuig mede namelijk aan elke horende de woorden van de profetie van dit boek dit:
indien maar iemand toevoegt aan deze (dingen) zal toevoegen God aan hem de plagen geschreven in boek dit.
En indien maar iemand afneemt van de woorden van (het) boek van profetie deze, zal afnemen God het deel van hem van (het) boek van het leven en uit de stad heilige en van de geschreven (dingen) in boek dit.

Opnieuw wordt van Jezus gezegd dat Hij getuigt, dus onder ede verklaart dat wat er nu volgt, waar is en zeker gebeuren zal.
Hij waarschuwt iedereen die de woorden van deze profetie hoort, dat hij met deze visioenen en woorden niet mag doen wat hij maar wil.
Deze profetie heeft met name betrekking op de ontwikkeling van de gemeente en de schijngemeente en mag alleen verklaard worden vanuit dit geestelijke perspectief.
Wie deze ontsluiering van geestelijke zaken op het natuurlijke vlak uitlegt, voegt er betekenissen aan toe die God niet heeft bedoeld.

Hij komt dan aan de verkeerde kant van de scheidslijn terecht en hoort niet bij hen die het herstel van God ervaren en zijn luister leren kennen.
Hij komt aan de kant van de leugen te staan, waar de plagen plaatsvinden.
Door verkeerde, onlogische en ongeestelijke toevoegingen komt men in dwalingen terecht en deze brengen de mens in het Babylon van de verwarring.

Wie de woorden van deze profetie niet serieus neemt, ze onverschillig laat liggen, of niet de moeite neemt deze diepgaand te onderzoeken, zal ook de gevolgen daarvan ondervinden.
Want dit laatste Bijbelboek geeft inzicht in het hele plan van God en brengt de mens in de geestelijke wereld, op de hoge weg.
Zonder afdoende kennis hiervan gaat ook het volk van het nieuwe verbond verloren en wordt het een prooi van de ontbindende demonen.
Zonder deze kennis kunnen we de volmaaktheid niet bereiken of gelijkvormig worden aan het beeld van de Zoon.
Dan hebben we geen deel aan het geboomte van het leven, dat gelijkvormig is aan de Boom van het leven.
Dan hebben we zelfs geen deel aan de heilige stad.

Wie in de laatste tijd niet de geestelijke weg gaat, mist zelfs de zegen van de rechtvaardigen uit het oude verbond.
Hij kan dan geen standhouden tegen de aanrukkende demonenlegers van de duisternis en hem wordt zelfs nog afgenomen wat hij nog wél heeft.