Openbaring

Openbaring 5:6-7
Jezus en zijn gemeente centraal in Gods plan

Midden voor de troon, tussen de vier wezens en de oudsten, zag ik een Lam staan.
Het zag eruit alsof het geslacht was en het had zeven horens en zeven ogen; dat zijn de zeven geesten van God die over de hele wereld zijn uitgestuurd.
Het Lam ging naar degene die op de troon zat en ontving de boekrol uit zijn rechterhand.

En ik zag en zie, in (het) midden van de troon en van de vier levende wezens en in (het) midden van de oudsten (een) lam staande als geslacht, hebbende horens zeven en ogen zeven, die zijn de zeven van God, de geesten uitgezonden naar heel de aarde.
En Het kwam en heeft genomen het boek uit de rechter(hand) van de Zittende op de troon.

Dan ziet Johannes Jezus staan, uitgebeeld als een lam dat de kenmerken heeft van geslacht te zijn.
Alsof het geslacht was geeft aan dat Jezus zich vrijwillig opgeofferd heeft voor het voldoen van onze zondeschuld.
Zo is al het negatieve ‘loon van de zonde’, dat voor alle mensen bestemd is, in één keer aan Hem uitbetaald.
Het Lam staat daarom op de plaats die God Hem gegeven heeft: in het centrum van Gods heerschappij en macht.
Dit sluit aan bij Filippenzen 2:8-11, waar van Jezus wordt gezegd:
En als mens verschenen, heeft Hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis.
Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat, opdat in de naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde en elke tong zal belijden: Jezus Christus is Heer, tot eer van God, de Vader.

En Hebreeën 1:3-4:
In Hem schittert Gods luister, Hij is zijn evenbeeld, Hij schraagt de schepping met zijn machtig woord;
Hij heeft, na de reiniging van de zonden te hebben voltrokken, plaatsgenomen aan de rechterzijde van Gods hemelse majesteit, ver verheven boven de engelen omdat Hij een eerbiedwaardiger naam heeft ontvangen dan zij.

Ook staat Jezus tussen de vertegenwoordigers van de schepping die Hij herstellen gaat én die van de herstelde mensheid (de gemeente), met wie Hij samen deze herschepping begint en voltooit.
De Vader heeft Jezus (samen met zijn gemeente) gemaakt tot het middelpunt van hemel en aarde.
Nog eens wijzen wij erop dat we in de hemel Jezus wel zullen vinden als geestelijk mens, maar niet als geslacht lam.

Dit beeld is ontleend aan de oudtestamentische eredienst en het doet ons denken aan het plaatsvervangende lijden en sterven van onze Heer dat in de tijd van dit visioen inmiddels plaatsgevonden heeft.
Het Lam heeft zeven horens en zeven ogen en er wordt bijgevoegd: dit zijn de zeven geesten van God, die uitgestuurd zijn over de hele aarde.
Dit is een andere beschrijving van de geest van God die actief is in de zeven gemeenten, als beeld van de gemeente van God van alle tijden en plaatsen.
De horens symboliseren de kracht van deze heilige geest en de ogen weerspiegelen geestelijke kennis van en geestelijk inzicht in alle dingen.
Samen geven ze de werking weer van de geestelijke begaafdheden in de afzonderlijke leden van de gemeente en (zo) in de gemeente als geheel.

Jezus staat op, komt dichterbij en in volle waardigheid neemt Hij de boekrol uit de rechterhand van de Vader die op de troon zit.
Dit komt overeen met de woorden van Jezus in Lucas 10:22:
Alles is Mij toevertrouwd door mijn Vader en niemand dan de Vader weet wie de Zoon is en wie de Vader is weet alleen de Zoon en iedereen aan wie de Zoon het wil openbaren.