Openbaring

Openbaring 7:1
Scheiding tussen echte en schijngemeente

Hierna zag ik vier engelen bij de vier hoeken van de aarde staan.
Zij hielden de vier winden van de aarde in bedwang, om te voorkomen dat er een wind over land of op zee of door de bomen zou waaien.

En na deze (dingen) zag ik vier engelen staande op de vier hoeken van de aarde, vasthoudende de vier winden van de aarde, opdat niet blaast (een) wind op de aarde, noch op de zee, noch op elke boom.

Voordat de gebeurtenissen van het zesde zegel afgelopen zijn en het zevende zegel verbroken wordt, voltrekt zich de grote scheiding.
De verstandige meisjes (zie Matteüs 25) worden van de onverstandige gescheiden.
Er komt, om een ander beeld te gebruiken, een duidelijk verschil naar voren tussen tarwe en onkruid.
Voordat deze volledige scheiding komt tussen goed en kwaad en de totale demonisering van de aardsgerichte religieuze wereld plaatsvindt, wordt het volk van God verzegeld met zijn geest.
De vier winden, waarover Johannes het hier heeft, zijn symbool van geweldig grote demonische legers onder bevel van vier grootvorsten uit het rijk van de duisternis.

De bomen wijzen op hen die leiding geven in het religieuze leven, zoals er later sprake is van het groene gras, de jeugd, de in geestelijk opzicht nog weinig ontwikkelde gelovigen.
De profeten omschrijven de leiders van het volk vaker als bomen; zelfs satan wordt vergeleken met een boom.
Ezechiël 31:8:
Zelfs in de tuin van God was er geen ceder als hij,
geen cipres met zulke takken,
geen plataan met zulke twijgen,
in de tuin van God was er geen boom zo mooi als hij.

Aan de andere kant is Jezus voor ons de Levensboom en kunnen ook wij zelf bomen zijn in de geestelijke wereld (zie Openbaring 2:7 en 9:4).
Alle hoge bomen zullen bij het loslaten van de vier winden zwaar heen en weer geschud worden, maar de rechtvaardigen worden niet beschadigd, zij zullen standhouden.
Ze worden dan ook niet voor niets terebinten van gerechtigheid genoemd.
Jesaja 61:3:
… om aan Sions treurenden te schenken
een kroon op hun hoofd in plaats van stof,
vreugdeolie in plaats van een rouwgewaad,
feestkledij in plaats van verslagenheid.
Men noemt hen Terebinten van gerechtigheid,
geplant door de Heer als teken van zijn luister.

Nog worden de vernielende winden vastgehouden, maar binnenkort zullen ze worden losgelaten over de aarde, beeld van het natuurlijk gerichte godsdienstige leven.
En over de zee, beeld van het overige geestelijke leven, maar beide zonder God.
We zien dat dit allemaal gebeurt met de bedoeling om de gemeente en de schijngemeente definitief en grondig van elkaar te scheiden.

Mensen worden vrijwel nooit zonder hun eigen wil, of ‘zo maar’ een volledige prooi van demonen.
De mens heeft ‘van nature’ een bescherming tegen het kwaad, in de vorm van zijn geweten en verstand.
Als hij zijn geweten volgt en zijn verstand goed gebruikt, kan hij ontdekken dat God bestaat en ook wat zijn wil is.
Zijn onzichtbare eigenschappen zijn vanaf de schepping van de wereld zichtbaar in zijn werken, zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid zijn voor het verstand waarneembaar (Romeinen 1:20).
Wanneer namelijk heidenen, die de wet niet hebben, de wet van nature naleven, dan zijn ze zichzelf tot wet, ook al hebben ze hem niet (Romeinen 2:14).

Het boek van de Openbaring is bedoeld om de gemeente van de laatste tijd in blijdschap te bemoedigen en sterk te maken, wanneer zij vol verlangen bezig is zich te ontwikkelen tot een stralende bruid zonder vlek of rimpel.
Het gaat over de oordelen die betrekking hebben op Babylon (de schijngemeente) en op het rijk van de antichrist.
Maar het gaat ook en vooral over de redding, de bevrijding en de luister van het echte volk van God, het (geestelijke) Israël van God.