Openbaring

Openbaring 7:13-14
Hoe wij de overwinning behalen

Een van de oudsten sprak mij aan:
‘Wie zijn dat daar in het wit, en waar komen ze vandaan?’
Ik antwoordde:
‘U weet het zelf, heer.’
Hij zei tegen me:
‘Dat zijn degenen die uit de grote verschrikkingen
(of: onderdrukking, pressie) gekomen zijn.
Ze hebben hun kleren witgewassen met het bloed van het Lam.

En antwoordde één uit de oudsten, zeggende tot mij: dezen de bekleden (met) de gewaden witte, wie zijn zij en vanwaar zijn zij gekomen?
En ik heb gezegd tot hem: heer, u weet (het) en hij zei tot mij: dezen zijn de komenden uit de verdrukking grote en zij hebben gewassen de gewaden van hen en zij hebben wit gemaakt (de) gewaden van hen in het bloed van het Lam.

Een van de oudsten vraagt Johannes wie die onafzienbare menigte vormen en hoe zij deze hoogte bereikt hebben.
Hoe hebben ze de overwinning behaald?
Want het gaat hier wel om de zuilen in de tempel van de levende God (zie Openbaring 3:12)!
Het gaat hier om een zeer grote menigte van overwinnaars die het Lam volgen waar Hij hen naartoe leidt.
Het gaat over de honderdvierenveertigduizend (een symbolisch getal dat volmaaktheid uitdrukt) uit het Israël van God, de vrijgekochten uit de mensheid (zie Openbaring 14:3-4).

Er zijn geen overwinnaars zonder strijd en waar deze op zijn felst is, is de overwinning het grootst.
Zij komen, sterk geworden, uit deze zware onderdrukking tevoorschijn.
Dit is een grote vuurproef of een grondig zuiveringsproces van hun geloof.
Alle onzuivere bestanddelen worden door de enorme druk van de demonen verwijderd, zoals diamant onder zware druk in al zijn zuiverheid wordt gevormd.

Het gaat in het plan van God erom dat de mens de totale luister van God zal gaan ervaren.
Maar het is satan er alles aan gelegen dit te voorkómen.
Maar juist door zijn tegenstand valt hij zelf in de kuil die hij voor de gelovigen graaft.
Op hem is Psalm 7:16 van toepassing:
Hij delft een put en diept hem uit,
maar valt in de kuil die hij zelf heeft gegraven.

De echte zonen van God gaan er niet onderdoor, maar zij worden juist sterk in deze strijd.
Hebreeën 11:33-34 zegt van hen:
… die door hun geloof koninkrijken overwonnen, gerechtigheid lieten gelden en kregen wat hun beloofd was; die leeuwen de muil toeklemden,
aan vuur de laaiende kracht ontnamen en ontkwamen aan de houw van het zwaard;
die hun zwakheid krachtig overwonnen, in de oorlog machtige helden werden en vijandelijke legers op de vlucht joegen.

Willen we daar niet graag bij horen?

In de tijd van Noach stroomt een watervloed over de aarde.
Zo stromen in de komende tijd (en nu al) de duistere demonen over de aarde, dat wil zeggen: ze nemen bezit van mensen die geen rekening houden met het geestelijke koninkrijk van God.
Alleen zij die verzegeld en vervuld zijn met de geest van God kunnen standhouden.

Paulus schrijft in Efeziërs 6:12 over een worsteling, een strijd, een oorlog in de onzichtbare wereld:
Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen.
De Openbaring beschrijft het hoogtepunt van deze strijd.
Zonder deze laatste oorlog in de hemel (zie bijv. Openbaring 17:14) is er geen totale overwinning mogelijk van het licht op de duisternis.
Er komt een geestelijke pressie over de wereld zoals die er niet eerder geweest is.
Dit geldt niet alleen voor de intensiteit ervan, maar vooral ook voor de manier waarop deze wordt uitgevoerd.
Er zal een direct aangrijpen komen door de demonen van de aardsgerichte religieuze mensheid.
Een totale demonisering is het gevolg.
De duistere geesten zullen in de mens binnendringen en wat eigenlijk de tempel van God moet zijn, wordt dan de troon van satan en zijn engelen.

Maar de zonen van God hebben een wapenrusting waardoor zij tegenstand kunnen bieden in deze donkere tijd.
Efeziërs 6:13 zegt hiervan:
Neem daarom de wapens van God op om weerstand te kunnen bieden op de dag van het kwaad, om goed voorbereid stand te kunnen houden.
Dan zal het gaan om kracht tegen kracht, Gods geest tegen de demonische geesten en wonder tegen wonder.

De volgelingen van Jezus in de laatste tijd hebben hun kleren (hun geestelijke bedekking of statuur) gewassen en wit gemaakt in het bloed van het Lam.
Want hun rechtvaardigheid is een gevolg van de schuldvergeving die gebaseerd is op het lijden en sterven van het Lam van God.
Ze zijn volmaakt rechtvaardig doordat ze dit geloven en ze gaan daarna verder op de weg van herstel en groei om zo het uiteindelijke doel van God te bereiken.