Openbaring

Openbaring 9:7-10
Het bedrog van spiritisme

Zo zagen die sprinkhanen eruit: ze leken op paarden die waren toegerust voor de strijd, met op hun hoofd een soort goudachtige krans en met een gezicht als dat van een mens.
Hun haar was lang als het haar van een vrouw, hun tanden waren als leeuwentanden.
Hun borst leek een pantser van ijzer.
Hun vleugels maakten een geluid als het geratel van talloze wagens die ten strijde trekken.
Verder hadden ze een staart met een angel, net als schorpioenen.
Met die staart konden ze de mensen pijnigen, vijf maanden lang.

En de gedaanten van de sprinkhanen (waren) gelijkend op paarden, toebereid voor oorlog en op de hoofden van hen (iets) als kransen gelijkend op goud en de gezichten van hen als gezichten van mensen.
En zij hadden haren als haren van vrouwen en de tanden van hen als van leeuwen waren.
En zij hadden harnassen als harnassen ijzeren; en het geluid van de vleugels van hen (was) als (het) geluid van wagens van paarden vele, dravende tot oorlog.
En zij hebben staarten gelijkend op schorpioenen en angels; er was in de staarten van hen ook de (vol)macht van hen (om te) beschadigen de mensen (gedurende) maanden vijf.

We krijgen nu meer details te zien doordat het beeld vergroot wordt.
De sprinkhanen die vooral door hun kop op paarden lijken, worden nu grote, krijgshaftige strijdrossen.
Het paard is een beeld van een demon of een andere geestelijke macht of kracht.
We kunnen bijvoorbeeld denken aan de ruiter op het witte paard, het woord van God, dat door de kracht van Gods geest wordt gedragen.
Maar hier is sprake van een duivelse, schrikaanjagende legermacht.
Dit leger voert een onheilige oorlog en verspreidt dood en verderf.
Het occultisme is de grootste vijand van het koninkrijk van God, omdat het zijn kracht imiteert.

Ook bij de spiritisten heeft men het over: wonderen, tekenen, profetieën, genezingen, openbaringen en gezichten.
Op de koppen van de paarden zijn kransen of kronen als van goud, goudachtig.
Alles lijkt echt, maar het is het niet.
De straten of het plein in de stad van God, het nieuwe Jeruzalem, zijn van zuiver goud, een beeld van zuiverheid en duurzaamheid.
Maar hier lezen we over kronen die ‘goudachtig’ zijn, dus die alleen maar lijken op goud.
Zo zijn ook de gezichten van deze demonen ‘als die van een mens’.
De misleide spiritisten denken met overleden familieleden, vrienden of ‘heiligen’ te maken te hebben, maar in feite krijgen ze contact met de demonen die met hen verbonden zijn.

De Bijbel heeft het over deze geesten van dode mensen.
Jesaja 29:4 zegt:
Je zult roepen van diep onder de grond,
wat je uit het stof laat horen, klinkt gedempt;
het klinkt als de stem van een geest uit de diepte,
het stof laat slechts gefluister horen.

In Jesaja 8:19 NBG heeft de profeet het over geesten van doden, die daar piepen en mompelen.

We zien hier duidelijk dat deze geesten uit het rijk van de dood opkomen en de stem van de overledenen proberen te imiteren.
Men denkt te doen te hebben met een geliefde of vriend of zogenaamde heilige die zich uit de andere wereld manifesteert.
In werkelijkheid legt men contact met een demon die zich voordoet als de dode en die met een gedempte stem, die als uit de diepte komt, antwoord geeft.

Hun haar was lang als het haar van een vrouw.
Deze geesten openbaren zich als gesluierd, zodat hun slachtoffers door de vaagheid van het astraallichaam hen niet als demonen zullen herkennen.
Als ze weten met wie ze te doen hebben, zullen ze hen zeker nooit oproepen.
Het is bekend dat de manifestaties bij spiritistische seances nooit scherp zijn en dat zij altijd in het halfduister plaatsvinden.
De verschijningen zijn altijd vaag.
De tovenares van Endor ziet een oude man met een mantel om.
Daarin meent zij, evenals Saul, de profeet Samuël te herkennen!

Johannes ziet de wrede machten die eropuit zijn hun prooi te verslinden, zoals ze echt zijn: fel, hard, agressief en niet te tellen in aantal.
Het geluid van de eveneens ontelbare aantallen wagens geeft aan dat de manifestatie van deze wezens niet stilletjes ergens in een uithoek gebeurt.
Wereldwijd zal hun activiteit kunnen worden gezien en gevolgd.

Opnieuw wordt erop gewezen wat het resultaat is als de mens opzettelijk met de demonen uit het rijk van de dood contact zoekt.
Het lijkt allemaal zo onschuldig, maar deze wezens hebben wel staarten als schorpioenen en angels.
Het einde is dat de spiritist naar geest, ziel en lichaam vergiftigd wordt en zich niet meer uit de greep van deze machten van de hel los kan maken.

Bij de eerdere oordelen wordt elke keer een deel van het religieuze leven van de mensen aangetast.
De grote afval is gekomen en de wetteloze mens wordt steeds meer zichtbaar en manifesteert zich steeds bruter.
Het geestelijke leven wát er nog is, wordt systematisch uitgeblust.
Ook bij de volgende bazuin wordt het oordeel tot een deel van de schijngemeente beperkt.

Bij al deze bazuinen gaat elke keer een derde deel ten onder, maar hoe lang dit duurt wordt niet gezegd.
Maar de vijfde bazuin is wereldwijd en de duur van haar geluid wordt aangegeven door een periode van vijf maanden.
Er wordt een hausse van spiritisme en verslaving geschilderd die de hele religieuze wereld in haar greep krijgt.
Psychologen, psychiaters en zielenherders zullen denken met onbewuste krachten in de mens te maken te hebben.
Maar zij zullen deze niet in goede banen kunnen leiden omdat het werkingen van demonen zijn.

De schijngemeente heeft de doop in de heilige geest van God, met het spreken van door deze geest geïnspireerde talen, altijd als dwaasheid afgewezen.
En nu wordt ze een prooi van de occulte machten uit de afgrond.
Maar plotseling komt er een einde aan deze bijzondere plaag.
De demonen die rondgetrokken zijn als brullende leeuwen, op zoek naar mensen om die te verslinden, moeten zich terugtrekken.
De hun toegemeten tijd is voorbij.
De rage van deze marathonseance onder leiding van de schijnprofeet of de antichrist, de wetteloze mens, is dan afgelopen.

In de geschiedenis zien we meer voorbeelden van dergelijke duivelse invasies in de schijngemeente.
Deze komen plotseling op en verdwijnen daarna weer.
We kunnen in dit verband noemen: de kruistochten, de heksenverbrandingen, de inquisitie, de vervolging van andersdenkenden, de opgelegde bekeringen door zending en missie, de Jodenhaat, de wereldse machtswellust van ‘kerkvorsten’, het onwetend houden van leken, enzovoort, enzovoort.

We zullen hier nog even ingaan op de heksenvervolgingen.
Na het tijdperk van de reformatie teistert dit duistere waanidee de zogenaamde ‘christelijke’ landen.
Maar dit komt niet voor in de Grieks-orthodoxe landen als Rusland en de Turkse landen.
Onverwachts komt deze verstandsverbijstering in het schijnchristendom op.
Maar na drie (!) eeuwen is ze verdwenen zoals ze gekomen is.
Naar schatting heeft deze massawaan aan een miljoen mensen, meest onschuldige vrouwen en zelfs kinderen, het leven gekost.
Er zijn dorpen waar maar twee vrouwen overgebleven zijn.
Opvallend is dat de reformatoren het geloof aan heksen hebben gedeeld en dat de brandstapels het felst oplaaien als het protestantisme al lang een feit is.

De schijngemeente heeft geen inzicht in het wezen van de onzichtbare wereld.
Daarom heeft zij deze schanddaden kunnen doen die tot een ware volkenplaag zijn uitgegroeid.
Het laatste voorbeeld van zo’n demonische overstroming vinden we in Openbaring 20, als de duivel zelf voor een korte tijd wordt losgelaten.